54.198.164.83
Zwart op wit

Actualiteit

Wetten en regels veranderen met grote regelmaat. Dat geldt ook voor uw persoonlijke situatie, uw bedrijf en de samenleving als geheel.

Batenburg Notarissen is op de hoogte van alle relevante ontwikkelingen en verdiept zich in uw situatie. Zo sluit onze advisering altijd aan op de actualiteit.

Nieuwsbrieven RSS

Starter komt moeilijker aan koophuis

Een eigen huis raakt voor starters op de woningmarkt steeds verder uit beeld. Zij zijn veroordeeld tot de huurmarkt, waarin blijkens onderzoek van ING de tevredenheid over de woonsituatie achter blijft bij mensen met een eigen huis. De situatie op de woningmarkt heeft ook gevolgen voor het vertrouwen van burgers in de woningmarkt. In het eerste kwartaal van 2018 is dat vertrouwen weer verder gedaald ten opzichte van vorig jaar. Het vertrouwen in de woningmarkt is in het eerste kwartaal van 2018 verder gedaald ten opzichte van voorgaande kwartalen in 2017. Dat komt vooral omdat mensen de huidige periode ongunstig beoordelen als het gaat om de mogelijkheid om een huis te kopen. Volgens veel starters is de situatie de afgelopen tien jaar niet zo ongunstig geweest. Het heeft allemaal tot gevolg dat starters op dit moment geconfronteerd worden met hoge woonlasten, een lager ervaren comfort in hun huidige woning en weinig zicht op een ander, eigen huis. Terwijl twee op de drie huidige woningbezitters hun huis ideaal vindt, is dat bij starters maar vijftien procent, meer dan vier keer zo laag. Volgens ING zijn koopwoningen voor starters te duur of niet beschikbaar. Zij moeten daarom blijven zitten in hun huidige onderkomen, met als gevolg een lager ervaren woongenot en hoge lasten. Dat laatste kan weer leiden tot financiële kwetsbaarheid, zelfs in die mate dat ook op termijn geen huis meer kan worden gekocht. Heeft u toch een huis op het oog en wilt u weten welke juridische stappen u moet zetten om het huis te kopen? Bel ons voor het maken van een afspraak. Bron: Vastgoedactueel 29 maart 2018.

Gepubliceerd: 18 Apr 2018
Copyright: Sdu © 2017

Proces bij opvolging familiebedrijf vergt gedegen aanpak

Opvolging in een familiebedrijf heeft heel veel haken en ogen. Het vraagt veel zorgvuldigheid in voorbereiding en proces. Het begint al met de vraag of de opvolger wel of niet uit de familie moet komen. Hoe dan ook, het gaat uiteindelijk om de continuïteit van uw bedrijf en het niet verstoren van familiebanden. Bij dit alles moeten ook nog eens de financiële, juridische, fiscale en andere bedrijfsmatige aspecten betrokken. Een proces van bedrijfsopvolging duurt altijd meerdere jaren. Een van de eerste aspecten waar u mee bezig gaat is de beoogde opvolger. Moet die wel of niet uit de familie komen en is die op de hoogte van wat dat inhoudt? Wat moet hij of zij kunnen om het bedrijf voort te zetten? Bij de voorbereiding hoort ook het in kaart brengen van het opvolgingsproces en de afspraken die u met de opvolger wilt/gaat maken. Vanzelfsprekend komt daar ook de rol van overige familieleden aan bod en worden hun belangen in kaart gebracht en gewogen. Een vraag van een heel andere orde is of hetgeen uw bedrijf als business heeft ook toekomstbestendig is. Of moeten er (ook) andere activiteiten worden ontplooid? Wat de opvolger betreft moet duidelijk zijn wat die van plan is. Gaat er het een en ander veranderen en kunnen die veranderingen rekenen op medewerking van de achterblijvende medewerkers? Wat gaat u zelf doen na overdracht? Blijft u nog betrokken bij het bedrijf en zo ja, hoe lang? Of gaat u heel iets anders doen? Leg in elk geval alles vast en werk het uit in een overdrachtsplan. Het zijn zomaar wat aspecten die bij bedrijfsopvolging een rol spelen. Wilt u er dieper induiken, bel ons dan voor en afspraak. Bron: Flynth 29 maart 2018.

Gepubliceerd: 18 Apr 2018
Copyright: Sdu © 2017

Concepttestament is niet voldoende

Het komt met regelmaat voor dat iemand overlijdt terwijl achteraf blijkt dat er een testament in voorbereiding was. Toch is een concepttestament niet voldoende als na overlijden blijkt dat het nooit is ondertekend bij de notaris. Onlangs moest de Rechtbank in Den Haag een dergelijk geval beoordelen. Een overleden man blijkt een testament te hebben gemaakt waarin hij iemand anders als zijn erfgenaam heeft aangewezen. Hij heeft zijn concepttestament ontvangen van de notaris maar nooit ondertekend. De man die in het concepttestament is aangewezen als enig erfgenaam vraagt de rechter om het concepttestament gelijk te stellen aan een voor de notaris getekend testament. De Rechtbank Den Haag moet de man teleurstellen en bepaalt dat een testament volgens de wet ondertekend moet zijn bij de notaris. Is dat niet zo, dan is het testament niet geldig. De man is dus geen erfgenaam. Heeft u ooit een concept laten opstellen bij uw notaris, maar nooit ondertekend? Maak snel een afspraak om de akte te laten tekenen. Bron: Rechtbank Den Haag 19 juli 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:9083.

Gepubliceerd: 18 Apr 2018
Copyright: Sdu © 2017

Verdeling aanmerkelijkbelangaandelen bij scheiding aan fiscale termijn gebonden

Wie een belastingaanslag over levering van de aanmerkelijkbelangaandelen (ab-aandelen) bij echtscheiding wil voorkomen moet dat binnen twee jaar na expliciete wilsovereenstemming over de scheiding doen. Tot nu toe was het tijdstip tot wanneer de ab-aandelen fiscaal gunstig konden worden overgedragen niet duidelijk. Als u in gemeenschap van goederen getrouwd was, is uw zijn partner voor 50% eigenaar van de aandelen in de bv. Die moeten net als alle andere goederen die in de huwelijksgemeenschap vallen, worden verdeeld. Meestal gebeurt dat in economische zin al ten tijde van het ondertekenen van het echtscheidingsconvenant of de vaststellingovereenkomst. Echter, dat is niet voldoende! Pas als die aandelen van uw ex-partner bij notariële akte aan u zijn geleverd, is de ontbonden gemeenschap verdeeld. Om een fiscale afrekening over de ab-claim te voorkomen, moet u ervoor zorgen dat de notariële akte van levering binnen twee jaar na ondertekening van het echtscheidingsconvenant of de vaststellingovereenkomst plaatsvindt. Formeel geldt als aanvangsdatum van die termijn de dag waarop u met elkaar wilsovereenstemming bereikt over de verdeling van de huwelijksgemeenschap en de financiële consequenties daarvan. Die wilsovereenstemming blijkt als het goed is uit het ondertekende echtscheidingsconvenant of vaststellingsovereenkomst. Als startdatum voor de termijn van twee jaar kunt u dan ook het beste uitgaan van de datum waarop echtscheidingsconvenant of vaststellingsovereenkomst zijn onvertekend. Wilt u meer weten over de levering van aanmerkelijkbelangaandelen bij echtscheiding? Bel ons voor het maken van een afspraak. Bron: TaxLive 26 maart 2018.

Gepubliceerd: 11 Apr 2018
Copyright: Sdu © 2017

Testament voor verzorger werkt niet

De wet bepaalt uitdrukkelijk dat beroepsbeoefenaars in de individuele gezondheidszorg, zoals artsen, verpleegkundigen, fysiotherapeuten of psychologen, die een patiënt gedurende de ziekte waaraan hij is overleden, geestelijk of lichamelijk hebben verzorgd, niets kunnen erven als het testament is opgemaakt in de periode dat de patiënt zorg ontving van die hulpverleners. De wetgever heeft met deze wettelijke bepaling willen voorkomen dat bepaalde personen invloed zouden kunnen uitoefenen op iemand die ziek is en die afhankelijk is van deze verzorger. Om te voorkomen dat de patiënt dan een legaat vermaakt aan de echtgenoot, kinderen of ouders van de beroepsbeoefenaar, bepaalt de wet dat het ook niet mogelijk is deze familieleden in het testament op te nemen. Wel is toegestaan dat iemand een legaat aan de beroepsbeoefenaar toekent als vergoeding van bewezen diensten. Het bedrag voor de vergoeding moet in juiste verhouding staan tot de verrichte werkzaamheden. Om te voorkomen dat de erfgenamen de beschikking ongedaan maken, is het raadzaam in het testament aan te geven waarop het bedrag van de vergoeding is gebaseerd. Als iemand toch een geldlegaat heeft gemaakt aan bijvoorbeeld zijn verpleegkundige, en deze niet in verhouding staat tot de verrichte werkzaamheden, is deze beschikking – binnen één jaar na overlijden van de erflater – vernietigbaar, dat wil zeggen de erfgenamen kunnen via de rechter de bevoordelingsbepaling ongedaan laten maken (laten vernietigen). De erfgenamen kunnen het testament ook respecteren en uitvoeren. Het komt nog regelmatig voor dat de rechter over dit vraagstuk moet oordelen. Onlangs nog bleef een testament zonder effect omdat de erin aangewezen erfgename een beroepsbeoefenaar is op het gebied van de individuele gezondheidszorg, die de erflaatster gedurende de ziekte waaraan zij is overleden, bijstand heeft verleend. Wilt u een zorgverlener bevoordelen, bespreek dit dan goed met de notaris om te voorkomen dat er na uw overlijden over uw testament geprocedeerd moet worden. Bron: Gerecht in eerste aanleg van Curaçao, 19 februari 2018, AR 81451/2016 - Cur201601535, ECLI:NL:OGEAC:2018:31.

Gepubliceerd: 11 Apr 2018
Copyright: Sdu © 2017

Eigenwoningschenking kort voor overlijden

Schenkingen die binnen 180 dagen voor overlijden worden gedaan, moeten weer bij de erfenis opgeteld worden voor de berekening van erfbelasting. Op die manier wordt voorkomen dat iemand op het sterfbed nog snel schenkingen doet om de erfbelasting te verminderen. Voor verhoogde vrijstellingen, zoals de grote vrijgestelde schenking van €100.800 (2018) in het kader van de eigen woning, geldt deze regel niet. Ook al vindt deze schenking vlak voor overlijden plaats, toch gaat het bedrag voor de berekening van erfbelasting niet weer tot de nalatenschap behoren. Denkt u wel eens na over het schenken van vermogen aan uw kinderen of anderen? Wacht niet tot 180 dagen voor overlijden. Schenkingsplannen leveren doorgaans de beste besparingen op als er tijdig mee wordt begonnen, zodat er vele jaren van vrijstellingen en tarieven in de eerste schijf gebruik gemaakt kan worden. Wij helpen u graag een op uw situatie toegesneden schenkingsplan op te stellen. Bron: Estate Tip Review, 2018, nr. 8.

Gepubliceerd: 11 Apr 2018
Copyright: Sdu © 2017

Nieuw beleid: schenkbelasting bij huwelijksvoorwaarden?

Toen het Belastingplan 2018 werd gepresenteerd, was er sprake van nieuwe regels om te beoordelen of bij het aangaan van een huwelijk of het maken van huwelijksvoorwaarden schenkbelasting moest worden betaald. Het voorstel was bedoeld om misbruik tegen te gaan door mensen die bij het aangaan van een huwelijk of het wijzigen van huwelijksvoorwaarden schenkbelasting willen ontgaan. De Tweede Kamer vond dat door het voorstel te veel goedwillende burgers zouden worden geraakt. De Staatssecretaris van Financiën heeft het voorstel opnieuw bekeken en bekend gemaakt in welke gevallen geen sprake zal zijn van heffing van schenkbelasting: Bij het aangaan van een huwelijk zonder huwelijksvoorwaarden wordt geen schenkbelasting geheven; Bij het maken van huwelijksvoorwaarden waarbij wordt aangesloten bij het wettelijk huwelijksvermogensregime is ook geen sprake van schenkbelasting; Bij het maken van huwelijksvoorwaarden waarbij de echtgenoten zich over en weer verplichten om bij echtscheiding en overlijden, of alleen bij overlijden, op gelijke voet met elkaar af te rekenen conform de wet zoals die voor en na 1 januari 2018 geldt, is ook geen sprake van schenkbelasting. Helaas heeft de staatssecretaris hier geen gelijke regeling voor samenwoners genoemd, die kunnen mogelijk een beroep doen op een brief van de Belastingdienst uit 2013; Als de partners samen een eigen woning hebben en in de huwelijkse voorwaarden hebben vastgelegd dat een echtgenoot meer eigen vermogen heeft ingebracht en de ander een schuld aan de inbrengende echtgenoot heeft, is – onder voorwaarden - geen schenkbelasting verschuldigd; Bij het aangaan van huwelijksvoorwaarden waarbij men afspreekt een algehele gemeenschap van goederen aan te houden, maar waarbij de echtgenoten afspreken bij ontbinding niet op gelijke basis, maar ongelijk te verdelen wordt geen schenkbelasting geheven als de meest vermogende echtgenoot na de verdeling nog tenminste vijftig procent heeft van het gemeenschappelijk vermogen, en maximaal de gerechtigdheid die hij voordien al had. Ditzelfde geldt als de echtgenoten niet overgaan naar een gemeenschap van goederen maar afspreken aan het eind van het huwelijk ongelijk te verrekenen. Heeft u trouwplannen of bent u van plan uw huwelijkse voorwaarden te wijzigen? Als u meer wilt weten over het nieuwe beleid dan kunt u altijd op ons kantoor terecht voor een oriënterend gesprek. Bron: Notamail 3 april 2018.

Gepubliceerd: 04 Apr 2018
Copyright: Sdu © 2017

Europa steekt mogelijk stokje voor winstverplaatsing voor lagere vennootschapsbelasting

Als het aan het Europees Parlement ligt, komt er snel een einde aan de mogelijkheid voor bedrijven om hun winst te verplaatsen naar lidstaten waar de vennootschapsbelasting lager ligt. Het parlement heeft ingestemd met regels die dat moeten voorkomen. Nu kunnen bedrijven die in meer lidstaten werken de winst van hun dochterondernemingen volgens verschillende nationale belastingcodes berekenen en verschuiven naar het land waar de vennootschapsbelasting het laagst is. Dat is in het nadeel van de concurrentiepositie van kleine en middelgrote ondernemingen. Die kunnen de hoge vergoedingen voor zo’n traject meestal niet betalen. Met de nu door het Europees Parlement aangenomen richtlijn kunnen grensoverschrijdende bedrijven voortaan volstaan met één belastingaangifte voor al hun EU-activiteiten. Winsten en verliezen van dochterondernemingen worden bij elkaar geteld, waarna de resterende belastbare winst volgens een bepaalde sleutel wordt verdeeld tussen de lidstaten waar het bedrijf actief is. Per lidstaat wordt dan afgerekend volgens hun aandeel in de winst tegen het daar geldende belastingtarief. Daarmee is verplaatsing van winsten naar het land met het laagste belastingtarief niet meer mogelijk. Het Europees Parlement mag op fiscale onderwerpen alleen adviseren. De aangenomen richtlijn heeft krijgt dan ook pas echt werking als deze unaniem worden aangenomen door de lidstaten in de Raad. Bron: Opmaat 21/3/18 2018/120.

Gepubliceerd: 04 Apr 2018
Copyright: Sdu © 2017

Oud-bestuurder niet verantwoordelijk voor opvolger

Een oude, lege bv opkopen hoeft niet zonder meer verdacht te zijn. Reden kan zijn dat u met uw onderneming vanuit een al langer bestaande bv meer vertrouwen in uw branche bereikt. De vraag is echter hoe het dan zit met uw aansprakelijkheid als u de bv na verloop van tijd weer verkoopt omdat u al geruime tijd geen opdrachten heeft en de koper katvanger blijkt te zijn. Het hof Den Haag deed onlangs uitspraak in een dergelijke zaak. De verkoper van de bv was er bij de transactie van uitgegaan dat de koper de door de bv geleden verliezen zou benutten voor verliescompensatie. De bv had echter op enig moment na de verkoop – onder de nieuwe eigenaar – goederen verkocht zonder aangifte omzetbelasting te doen. De Belastingdienst reageerde daarop met een forse naheffingsaanslag. Die kon niet worden betaald, waarop de bv failleerde. De curator stelde daarop alle voormalige bestuurders hoofdelijk aansprakelijk voor het faillissementstekort. De curator vond dat de voormalige bestuurders onbehoorlijk en onrechtmatig hadden gehandeld. De rechtbank vond dat de voormalig bestuurders onderzoek hadden moeten doen naar de bedoelingen en motieven van de koper. Volgens de rechtbank hadden zij op grond van een eenvoudig internetonderzoek kunnen constateren dat de koper malafide was. Het hof ging daar lijnrecht tegenin. Voor het hof was in deze zaak doorslaggevend dat de verkopend bestuurder eerder de bv als bestaande vennootschap kocht omdat in zijn branche een oudere bv een betrouwbarder imago heeft. Verder was voor het hof van belang dat de verkopend bestuurder rekening hield met de mogelijkheid dat de koper de verliezen in de bv fiscaal zou benutten voor verliescompensatie. Dat hoefde volgens het hof geen argwaan te wekken. De door de curator ingebrachte stelling van “eenvoudig internetonderzoek” schoof het hof terzijde. Van een niet-juridisch geschoolde lezer mag niet worden verwacht dat deze faillissementsverslagen zou kunnen vinden en begrijpen dat de koper al eerder katvanger was geweest. Wilt u meer weten over aansprakelijkheid na verkoop van uw bv? Bel ons voor het maken van een afspraak. Bron: Opmaat 19/3/18 2018/110 ECLI:NL:GHDHA:2018:446.

Gepubliceerd: 04 Apr 2018
Copyright: Sdu © 2017

Renteplafond in testament

Veel ouders maken een langstlevendentestament waardoor zij na het verlies van hun echtgenoot nog niks aan de kinderen hoeven uit te betalen. De langstlevende krijgt huis, inboedel, bankrekeningen en wat er nog meer is, en de kinderen krijgen een bedrag in contanten zo groot als hun erfdeel zou zijn geweest. Ze kunnen dit bedrag pas opeisen als de langstlevende komt te overlijden. Vaak wordt er in dergelijke testamenten opgenomen dat de kinderen een rente krijgen over de vordering. Zolang de langstlevende leeft hoeft de rente niet uitbetaald te worden, deze wordt stilletjes bijgeschreven. Bij overlijden van de langstlevende krijgen de kinderen het opgelopen bedrag aan rente zonder daarover erfbelasting te hoeven betalen. De renteregeling leidt dan tot een mooie besparing. Toch kan er ook een nadeel aan de renteregeling kleven. Als de eerste echtgenoot jong overlijdt loopt de rente vele jaren op. Soms is het erfdeel van de eerste ouder plus de rente meer dan de langstlevende bezit bij diens overlijden. Voor een nieuwe levenspartner van de langstlevende ouder is er dan niks meer over. Om dit te voorkomen wordt tegenwoordig in veel testamenten een plafond opgenomen voor de rente. Heeft uw testament zo’n plafond? Wij kijken het graag voor u na. Zolang u allebei nog leeft kan een testament nog aangepast worden.

Gepubliceerd: 28 Mar 2018
Copyright: Sdu © 2017

Keuze om geen samenlevingsovereenkomst te sluiten kwam voor eigen risico

Voor samenwoners is in Nederland geen wet van toepassing die alles regelt, zoals bij gehuwden bijvoorbeeld wel het geval is. Een beperkte gemeenschap van goederen, pensioen, alimentatie en van elkaar erven gaat bij gehuwden en geregistreerd partners automatisch. Samenwoners moeten dit zelf regelen. In een samenlevingsovereenkomst kunnen de partners zaken vastleggen. Bijvoorbeeld hoe zij omgaan met de huishoudkosten, welke goederen gezamenlijk zijn en welke privé blijven, of zij hun gezamenlijke bezittingen bij overlijden aan elkaar willen nalaten en of de partner pensioenbegunstigde moet worden. Ook als de partners een verschillend bedrag aan eigen geld inleggen bij de aankoop van een woning, kunnen zij daarover afspraken maken. Bijvoorbeeld hoe wordt omgegaan met eventuele waardestijging. Recent oordeelde het Hof in Den Bosch nog over een stel samenwoners zonder contract. De man had een groot bedrag aan eigen geld ingelegd bij de aankoop van de gezamenlijke woning en wilde dat de vrouw een deel van het verlies zou dragen bij de verkoop. De rechter vond dat de man dit had kunnen regelen in een samenlevingscontract, nu hij dat niet had gedaan, kwam het verlies voor zijn eigen risico. Ook kan een samenlevingsovereenkomst fiscaal voordeel opleveren. Na 6 maanden samenwonen met contract hebben de samenwoners recht op een vrijstelling voor de erfbelasting als één van de partners komt te overlijden. In een testament kunnen samenwoners elkaar tot erfgenaam benoemen. Ook als de samenwoners kinderen hebben kunnen ze – in combinatie met een samenlevingscontract – een goede langstlevendenregeling vastleggen in hun testamenten. Bent u samenwoner en heeft u nog geen contract, of wilt u een bestaand contract laten controleren? U kunt altijd een afspraak maken op ons kantoor. Bron: Hof Den Bosch 6 maart 2018, nr 200.178.302/01 (GHSHE:2018:886).

Gepubliceerd: 28 Mar 2018
Copyright: Sdu © 2017

Geen recht van overpad als het niet in de akte staat

Erfdienstbaarheden leggen bezitters van percelen – bebouwd en onbebouwd – een of meer verplichtingen op om te gedogen dat iemand anders daar ook gebruik van maakt. Recht van overpad is zo’n erfdienstbaarheid. Erfdienstbaarheden zijn altijd vastgelegd in de notariële akte van levering van een perceel. Desondanks leveren zij nog vaak onenigheid op tussen de bezitter en gebruiker. Uitgangspunt bij de beoordeling of ergens een erfdienstbaarheid op is gevestigd, is de notariële akte. Daarin staan de gegevens die voor derden zichtbaar zijn aan de hand van de in openbare registers ingeschreven akten. Verklaringen van derden spelen bij de beoordeling geen rol. Uit de in een akte gebruikte woorden kan een bedoeling blijken die weliswaar niet uit de tekst blijkt, maar wel daarvan kan worden afgeleid met inachtneming van objectieve maatstaven die uit de complete inhoud van de akte blijken. Bij geschillen bepaalt de rechter welke maatstaven dat dan precies zijn. Als niet expliciet uit de akte kan worden afgeleid dat er bijvoorbeeld een recht van overpad is gevestigd, bestaat dat recht ook niet. Het kan het feitelijk zo zijn dat een woning alleen bereikbaar is via het perceel van een ander, maar dat betekent nog niet dat er automatische een recht van overpad is. Uit uitspraken van rechters blijkt dat zij dan wel een recht van noodweg verlenen, zodat er een verbinding is met de openbare weg en bewoners en bezoekers het betreffende perceel kunnen bereiken en verlaten. Wilt u meer weten over erfdienstbaarheden? Bel ons voor het maken van een afspraak. Bron: SDU Opmaat 20-2-18 2018/0042 ECLI:NL:GHDHA:2017:2923.

Gepubliceerd: 27 Mar 2018
Copyright: Sdu © 2017

Overgang dga-pensioen op partner vergt aandacht

Wat gebeurt er met uw ondernemerspensioen als u als directeur-grootaandeelhouder (dga) zou overlijden? Veel dga’s hebben pensioen in eigen beheer opgebouwd en hun pensioenpot omgezet in een oudedagsverplichting. Sinds vorig jaar is het echter niet meer mogelijk om een pensioenpot op te bouwen binnen de bv en moet u als dga sindsdien kiezen wat u met het pensioen in eigen beheer wilt gaan doen. De keuzemogelijkheden zijn het pensioen bevriezen, fiscaalvriendelijk afkopen of omzetten in een oudedagsverplichting (ODV). Als u het pensioen afkoopt, moet u behoorlijk in de buidel tasten, u moet namelijk in één keer fiscaal afrekenen. Veel dga’s kiezen daarom eerder voor de oudedagsverplichting. Deze ODV keert vanaf een vooraf bepaalde datum het geld in twintig gelijke delen uit. Als u eerder zou overlijden, dan gaat de aanspraak over op uw erfgenamen. Ook zonder testament – en bij eerder overlijden dan uw partner – erft uw partner op grond van de wet de gehele ODV. U hoeft daar niets voor te regelen. U kunt uiteraard bij testament wel afwijken van deze wettelijke regel, met dien verstande dat de erfgenaam een natuurlijk persoon moet zijn. Als deze overgang niet zuiver gebeurt, wordt de ontvangende erfgenaam fiscaal flink belast. Hoe gaat dat dan als u in gemeenschap van goederen bent getrouwd? Uw partner maakt dan niet automatisch aanspraak op de gehele ODV, maar krijgt een vordering op de helft van de aanspraak op de ODV in de nalatenschap. Als u dat anders wilt, zult u dat wel bij testament moeten regelen. Wilt u meer weten over uw dga-pensioen voor het geval u overlijdt? Bel ons voor het maken van een afspraak. Bron: Rendement.nl 6/3/18.

Gepubliceerd: 21 Mar 2018
Copyright: Sdu © 2017

Clausule ontzegging mogelijkheid tot bezwaar in leveringsakte is nietig

Contractsvrijheid is een belangrijk grondrecht van iedere burger en elk bedrijf, instelling of organisatie. Als bij de uitoefening van dat grondrecht een ander grondrecht wordt beperkt, moet de afweging worden gemaakt tussen de belangen van beide grondrechten in de betreffende omstandigheden. Dat geldt bijvoorbeeld als u in een leveringsakte van een huis de koper en via een boete- en kettingbeding ook latere kopers zou verplichten om af te zien van elk bezwaar dat te maken heeft met de bedrijfsuitoefening van de buren, bijvoorbeeld een agrarisch bedrijf. Met een dergelijke clausule doet de koper formeel afstand van toegang tot rechtsbescherming, een ander grondrecht. Een dergelijke beding hoeft niet per se nietig te zijn omdat er een ander grondrecht wordt ontnomen. Er moet daarom altijd een afweging worden gemaakt van belangen. Meestal komt een dergelijke vraag op het bordje van de rechter terecht. Bovenstaande situatie diende begin 2017 voor de rechtbank Limburg. De rechter had drie redenen om het beding nietig te verklaren. In deze zaak ging het niet alleen om het ontzeggen van toegang tot rechtsbescherming voor de koper. Het zou ook moeten gelden voor daarop volgende kopers. Die zijn niet betrokken bij de totstandkoming van de overeenkomst, maar worden wel afgehouden van toegang tot rechtsbescherming. Dat is niet toegestaan. Er stond een boetebepaling in de overeenkomst die in werking zou treden als de koper zich niet aan de afspraak zou houden, maar ook als deze de verplichting om het beding door te geven aan een latere koper niet zou nakomen. Dat beoordeelt de rechter als een ontoelaatbaar dwangelement. Het kan op zichzelf best aanvaardbaar zijn om afstand doen van rechtsbeschermingsmogelijkheden. Er moet dan wel sprake zijn van een aanvaardbare afbakening van waar afstand van wordt gedaan. Aanvaardbaar kan zijn als de afstand betrekking heeft op bijvoorbeeld een bepaald uitbreidingsplan, dan weet de koper waarvan hij afstand doet. In deze zaak heeft de afstand betrekking op een open verzameling aangelegenheden rond de buurbedrijven en ook nog eens op een onbeperkte periode. Voor de rechter reden genoeg om de clausule nietig te verklaren. Wilt u meer weten over het opnemen van beperkende clausules bij de verkoop van uw huis of grond? Bel ons voor het maken van een afspraak. Bron: Opmaat 5/3/18 2018/0053 ECLI:NL:RBLIM:2018:1810.

Gepubliceerd: 21 Mar 2018
Copyright: Sdu © 2017

Keuze geslachtsnaam echtgenoot

Volgens de wet mag een gehuwde man of vrouw de geslachtsnaam van de andere echtgenoot voeren, zelfs nadat het huwelijk is ontbonden. Als de echtgenoot opnieuw in het huwelijk is getreden of een geregistreerd partnerschap is aangegaan mag de naam van de eerste partner niet meer gebruikt worden. Als er geen kinderen zijn kan de partner de rechter verzoeken om na de echtscheiding het gebruik van de geslachtsnaam door de ex-partner in te trekken. Voordat het huwelijk plaatsvindt, kunnen de echtgenote kiezen of zij de geslachtsnaam van de echtgenoot willen voeren. Er blijkt een groot misverstand te bestaan onder echtgenoten over het gebruik van de geslachtsnaam. Het gaat slechts over het gebruik van de naam van de partner in het maatschappelijk verkeer. Het is dus geen officiële geslachtsnaamwijziging. In de huwelijksakte moet dan dus ook de eigen geslachtsnaam worden gebruikt, en niet de naam van de partner. Bron: Hof Amsterdam 26 september 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:3921. Art. 57 lid 1 aanhef en sub c van het Besluit Burgerlijke Stand 1994.

Gepubliceerd: 21 Mar 2018
Copyright: Sdu © 2017

Onjuiste woningverklaring leidt bij overdracht pand tot naheffing en vergrijpboete overdrachtsbelasting

Om de 6% overdrachtsbelasting te ontlopen en in plaats daarvan in aanmerking te komen voor een 2% heffing doen mensen soms rare dingen. Zo ook in een zaak waarin een koper in de leveringsakte had laten opnemen dat het gekochte pand vanaf datum overdracht zou bestaan uit wooneenheden en dat om die reden het bijzondere tarief van 2% overdrachtsbelasting van toepassing was. Op het moment van overdracht had er nog geen verbouwing plaatsgevonden waarmee het pand naar zijn aard tot woning zou kunnen worden bestemd. Het gevolg was een naheffingsaanslag voor de overdrachtsbelasting, vermeerderd met een vergrijpboete. Voor de koper was dit reden om zijn geluk hogerop te beproeven, maar kreeg ook bij het Hof nul op het rekest. Hij was immers ten tijde van de overdracht al begonnen met de verbouwing. Daarmee was volgens het Hof nog steeds geen sprake van een woning. Ook de vergrijpboete kon op instemming van het Hof rekenen, omdat de koper in de leveringsakte verklaard had dat het pand uit wooneenheden bestond terwijl dat (nog) helemaal niet het geval was. Volgens het Hof wist de koper op het moment van de verklaring ook dat hij de notaris onjuist informeerde, om daarmee toepassing van het 2% tarief te realiseren. Daarmee is het aan zijn opzet te wijten dat te weinig overdrachtsbelasting is betaald. Nog steeds hield de koper vast aan zijn eigen opvatting en legde de zaak voor aan de Hoge Raad. Die maakte er niet meer woorden aan vuil dan het beroep zonder verdere motivering te verwerpen. Ook hieruit blijkt weer eens te meer dat een pand, wil het bij overdracht in aanmerking komen voor 2% overdrachtsbelasting, op het moment van overdracht naar zijn aard ook echt woning moet zijn. Wilt u hier meer over weten? Bel ons voor het maken van een afspraak. Bron: Opmaat 13/2/18 2018/0035 ECLI:NL:HR:2018:168.

Gepubliceerd: 14 Mar 2018
Copyright: Sdu © 2017

Opnieuw nieuwe regels voor huwelijken?

Vanaf 1 januari 2018 gelden nieuwe regels bij het aangaan van een huwelijk. Vroeger trouwde je automatisch in de algehele gemeenschap van goederen. Sinds 1 januari is er sprake van een automatische beperkte gemeenschap. Echtgenoten en geregistreerde partners houden privé wat ze bij het huwelijk al bezitten en wat ze nog via erfenis of schenking ontvangen. Mensen die toch graag de simpele regeling van voorheen wensen, waarbij alles wat zij bezitten gemeenschappelijk vermogen is, moeten nu naar de notaris om een akte van huwelijksvoorwaarden te laten maken. De regering heeft onderzocht of deze groep mensen dat kosteloos kan regelen. Er is nu een conceptwetsvoorstel ter consultatie gepubliceerd. Bruidsparen kunnen bij de ambtenaar van de burgerlijke stand een keuze maken voor de algehele gemeenschap van goederen. Zij moeten dan uiterlijk 1 werkdag voor hun huwelijk een modelformulier invullen bij de ambtenaar van de burgerlijke stand in de plaats waar zij trouwen. Tot 8 april kan er gereageerd worden op het conceptwetsvoorstel, wij houden u op de hoogte. Bron: Notamail 27 februari 2018, 49.

Gepubliceerd: 14 Mar 2018
Copyright: Sdu © 2017

Erfgenamen moeten legaat zelf voldoen

Bij het maken van uw testament kunt u mensen tot erfgenaam benoemen, of ervoor kiezen om een legaat te geven. Een erfgenaam krijgt een breukdeel of percentage van de nalatenschap. Iemand die een legaat krijgt zal meestal een geldbedrag of bijvoorbeeld een schilderij of een sieraad krijgen. Een erfgenaam heeft inspraak bij de afwikkeling van de erfenis, iemand die een legaat krijgt niet. Er wordt vaak onderscheid gemaakt als iemand bijvoorbeeld kinderen heeft, maar ook een goede bekende en de buren nog iets wil nalaten. De kinderen worden dan vaak tot erfgenaam benoemd. Zij zijn dan verplicht om uit de erfenis een bedrag over te maken naar de in het testament genoemde vrienden en bekenden, of bijvoorbeeld naar goede doel organisaties. De erfgenamen lopen echter wel een risico, als blijkt dat de nalatenschap niet genoeg geld bevat om de legaten te betalen. De erfgenamen die de erfenis al officieel hebben aanvaard zullen de legaten zelf moeten voldoen. De rechtbank Limburg veroordeelde onlangs een paar kinderen om een legaat aan een vriendin van hun vader te betalen. De erfenis bleek te weinig te zijn. Het legaat van € 100.000 én de erfbelasting van € 45.000 moesten zij uit eigen zak overmaken. Dit hadden zij kunnen voorkomen door de nalatenschap niet zomaar te aanvaarden, maar bij de notaris een beneficiaire aanvaarding te regelen. Nog belangrijker is het om bij het maken van het testament al voor te sorteren op het eventueel slinken van de erfenis. Zeker nu ouderen in toenemende mate zelf moeten bijdragen aan zorgkosten is dit realistisch. In het testament kan dan opgenomen worden dat de legaten verminderd worden als de nalatenschap niet groot genoeg meer is om de legaten te voldoen. Is uw testament al beveiligd? Een afspraak op ons kantoor is zo gemaakt! Bron: Notamail 1 maart 2018, 51. Rb. Limburg 6 december 2017, nr. C/03/222079 / HA ZA 16-345 (RBLIM:2017:12053).

Gepubliceerd: 14 Mar 2018
Copyright: Sdu © 2017

Meldingsplicht maatregelen energiebesparing voor bedrijven

Bedrijven krijgen er een nieuwe verplichting bij. Nu gaat het om het melden van getroffen energiebesparingsmaatregelen. Dat is volgens minister Wiebes nodig omdat de doelen uit het Energieakkoord nog niet zijn bereikt. Om beter te kunnen handhaven zou de meldplicht nodig zijn. Bedrijven zijn wettelijk verplicht om besparingsmaatregelen te nemen die binnen vijf jaar kunnen worden terugverdiend. De minister gaat in elk geval betere voorlichting geven over de maatregelen. De meldplicht moet ervoor zorgen dat inspecteurs gericht kunnen controleren. De verplichting tot melding zal wettelijk per 1 juli 2019 ingaan, maar de minister, de gemeenten en het bedrijfsleven zijn al overeengekomen om vanaf nu al op deze manier te gaan werken. Daar komt 3 miljoen euro voor beschikbaar. Naast deze maatregel zijn nog enkele andere afspraken gemaakt over energiebesparing in maatschappelijk vastgoed, zoals scholen en ziekenhuizen, en voor extra energiebesparing in de glastuinbouw. Wilt u meer weten over deze meldplicht, ga dan naar https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-economische-zake.... Bron: SDU Opmaat 15/2/18 2018/0071.

Gepubliceerd: 07 Mar 2018
Copyright: Sdu © 2017

Huizenbezitters en huurders opletten voor hoge WOZ-aanslag

Bij sommigen van u is de aanslag al binnen, anderen ontvangen die binnenkort, de gemeentelijke aanslag voor de WOZ-waarde van uw koop- en huurhuis. De inschatting van de experts is tot nu toe dat de aanslagen te hoog zijn. Dat heeft meer gevolgen dan alleen deze aanslag, er zijn namelijk veel meer belastingen aan de WOZ-waarde gekoppeld. Naast de gemeentelijke belastingen zijn dat onder meer erfbelasting, schenkbelasting, verhuurderheffing en inkomstenbelasting. Het belang van een juiste waardering is daarom ook groot. De eerste miljoen aanslagen zijn al ontvangen, eind deze maand volgen er nog bijna zeven miljoen. De verwachting is dat gemeenten dit jaar gemiddeld 7% meer waarde aan woningen toekennen, in de Randstad oplopend naar 12%. Vorig jaar tekende 1,5% van de eigenaren en huurders bezwaar aan tegen de aanslag, de verwachting is dat dit percentage dit jaar zal oplopen. Vanwege de koppeling aan andere belastingen is het van groot belang dat de hoogte van de WOZ-waarde niet afwijkt van de werkelijke situatie. In te veel gevallen valt die afwijking in het nadeel van de huurder en eigenaar uit. Over het algemeen leggen veel consumenten zich bij de aanslag neer. Het is zaak om niet zonder meer akkoord te gaan met de aanslag die u wordt opgelegd. Wilt u bezwaar aantekenen, dan moet u dat binnen zes weken na dagtekening van de aanslag doen. Wilt u meer weten over de WOZ-waarde van de woning die u in eigendom heeft of huurt? Doe een gratis WOZ-waardecheck op https://www.vastelastenbond.nl/woz-waarde. Bron: Perssupport 20/2/18.

Gepubliceerd: 07 Mar 2018
Copyright: Sdu © 2017

Huwelijksvoorwaarden

Huwelijksvoorwaarden worden vaak redelijk kort voor de grote dag opgesteld. Het bruidspaar heeft meestal als doel om hun vermogens apart te houden. Soms is de reden dat zij elkaar willen beschermen tegen schulden, bijvoorbeeld als een van de echtgenoten ondernemer is of plannen in die richting heeft. Niet zelden loopt het leven anders. Ook houden de meeste echtgenoten geen precieze administratie bij. Als een echtscheiding opdoemt is niet meer duidelijk wat van wie is en belanden de echtgenoten met hun advocaten al ruziënd voor de rechter. De rechtbank Amsterdam moest onlangs oordelen over een geval waarin man en vrouw huwelijksvoorwaarden hadden gemaakt. Zij hadden de echtelijke woning tot gemeenschappelijk bezit bestempeld en verder afgesproken dat er geen gemeenschap van goederen zou zijn. Bij de echtscheiding eiste de vrouw afwikkeling van de echtscheiding alsof alle bezittingen gemeenschappelijk waren. Volgens de vrouw was het vermogen van de man en de vrouw zo met elkaar verweven, dat niet meer te reconstrueren was, hoe de situatie zou zijn indien zij gehandeld hadden vanuit een gescheiden vermogen. De rechtbank is duidelijk en geeft aan dat slechts in zeer uitzonderlijke omstandigheden van de afspraken in een akte van huwelijksvoorwaarden afgeweken kan worden. De verwevenheid van het vermogen die de vrouw aanvoert vindt de rechter geen uitzonderlijke omstandigheid en daarom gaat de rechter niet akkoord met vaststelling van één gezamenlijk vermogen. Heeft u ooit huwelijkse voorwaarden gemaakt, maar nooit een update toegepast? Om te voorkomen dat uw huwelijkse voorwaarden niet meer aansluiten bij uw huidige situatie, kijken wij graag een keer met u mee naar uw akte. Neem gerust contact op met ons kantoor. Bron: Rechtbank Amsterdam, 11-10-2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:7518, C/13/588737 / FA RK 15-4266.

Gepubliceerd: 07 Mar 2018
Copyright: Sdu © 2017

Ondernemer en trouwen na 1 januari 2018

Bent u ondernemer en gaat u binnenkort trouwen? Zorg er dan voor dat u zich tijdig laat informeren over het maken van huwelijkse voorwaarden. Voor 1 januari 2018 was trouwen in de algehele gemeenschap van goederen standaard. Alle bezittingen van man en vrouw werden gemeenschappelijk. Dat was slechts anders als een echtgenoot door erfenis of schenking met een zogenaamde uitsluitingsclausule iets in privé verkreeg. Vanaf 1 januari 2018 kunnen echtgenoten naar Nederlands recht alleen nog in algehele gemeenschap van goederen trouwen, als zij dat voor hun huwelijk vastleggen bij de notaris. Regelen zij niets, dan trouwen zij in de nieuwe beperkte gemeenschap van goederen. Als een ondernemer gaat trouwen valt de onderneming niet in de beperkte gemeenschap. Maar er is een nieuwe bepaling in de wet gekomen, waardoor een ondernemer een redelijke vergoeding voor kennis, vaardigheden en arbeid moet voldoen aan de gemeenschap. Het is nu nog niet duidelijk wat een redelijke vergoeding is, en we zullen moeten afwachten hoe rechters in de komende jaren omgaan met geschillen over dit onderwerp. Om procedures te voorkomen is het voor elke ondernemer die na 1 januari 2018 gaat trouwen een must om huwelijkse voorwaarden te maken, waarin afspraken worden gemaakt om te voorkomen dat de wettelijke regeling in volle omvang van toepassing wordt. Bron: JBN 2017, 10.

Gepubliceerd: 27 Feb 2018
Copyright: Sdu © 2017

Wetsvoorstel gezag voor ongehuwde partners bij erkenning

Er is een initiatiefwetsvoorstel ingediend waarbij geregeld wordt dat ook ongehuwde partners gezag krijgen na erkenning van het kind. De erkennende partner krijgt dan samen met de geboortemoeder het gezamenlijk gezag. We houden u op de hoogte, maar wilt u meer weten over dit onderwerp dan kunt u vanzelfsprekend bij ons terecht. Bron: Kamerstukken II 2016-17, 34 605, nrs. 1-3.

Gepubliceerd: 27 Feb 2018
Copyright: Sdu © 2017

Verhuur vakantiewoning heeft gevolgen voor btw

Wie een vakantiewoning verhuurt via een tussenpersoon (vakantiepark of reisorganisatie) – ook al gebruikt u die ook privé – moet rekening houden met een herziening van de btw. Bij huur of koop, verhuur of verkoop is dat een reëel gevaar. Het zou ertoe kunnen leiden dat u de eerder afgetrokken btw moet terugbetalen. Die btw betaalt u bij aankoop van een nieuw gebouwd vakantiehuis. Die btw kunt u terugkrijgen als u die woning vervolgens volledig verhuurt aan bijvoorbeeld een vakantiepark of reisbureau, U moet zich er dan wel van bewust zijn dat de fiscus het pand voor de btw nog tien jaar volgt. Als u het vakantiehuis binnen negen jaar weer verkoopt, dan staat de belastingdienst voor de deur om een deel van de teruggevraagde btw weer van u te innen. Als u een nieuwbouwvakantiehuis koopt, betaalt u 21% btw. Verhuurt u het huis door aan bijvoorbeeld een vakantiepark of reisbureau, dan zal uit de huurovereenkomst blijken dat zij het huis gaan doorverhuren. Die huur valt onder het 6%-tarief. Dan kunt u de btw met een aangifte terugvragen aan de fiscus. Verkoopt u vervolgens het vakantiehuis binnen negen jaar door, dan staat de fiscus op de stoep. Het huis is dan geen nieuwbouw meer en de verkoop daarvan is vrijgesteld van btw. De koper betaalt alleen overdrachtsbelasting. Op grond van de btw-wetgeving moet u in dat geval een deel van de teruggevraagde btw alsnog ophoesten. U kunt dit voorkomen door met de koper te kiezen voor ‘btw-belaste levering’. Dat betekent dat u samen beslist om btw-vrijstelling voor de levering van de vakantiewoning niet toe te passen. Deze keuze moet ook blijken uit de leveringsakte. Overigens is deze keuze alleen mogelijk als de koper het vakantiehuis ook op dezelfde manier gaat verhuren: via een tussenpersoon. De koper kan dan de door hem of haar betaalde btw weer terugvragen. Echter, dan treedt wel een nieuwe termijn van negen jaar in werking. Wilt u meer weten over het aankopen en verhuren van een vakantiehuis? Bel ons voor het maken van een afspraak. Bron: ABAB 3/8/17.

Gepubliceerd: 27 Feb 2018
Copyright: Sdu © 2017

Verdeling eenmanszaak bij echtscheiding

Bij echtscheidingen is de aanwezigheid van een eenmanszaak bij een van de partners nogal eens een bron van geschil. De rechter heeft er in elk geval vrijwel dagelijks mee te maken. Het gaat bij de verdeling van de gemeenschap nogal eens over de verdeling van negatief ondernemingsvermogen, schulden dus. De bron van het geschil ligt meestal in de manier waarop de activa van de eenmanszaak wordt verdeeld en hoe wordt bepaald wie welk deel van de schulden moet dragen. Een eenmanszaak heeft geen afgescheiden vermogen. Het bestaat uit activa en passiva en valt in de gemeenschap van goederen. Beide partijen worden daarin elk voor de helft aangesproken voor de schulden, ook al zijn die veroorzaakt in de eenmanszaak. Bij de beoordeling daarvan wordt gekeken naar de omvang van de schulden op de datum waarop het huwelijk is ontbonden. Bij de beoordeling van de waarde van de activa is de datum van feitelijke verdeling bepalend, behalve als partijen anders hebben afgesproken. In een recente zaak verzochten beide partijen de rechter om de activa van de eenmanszaak toe te delen aan de ondernemende partner, die in ruil daarvoor ook de schulden van de onderneming voor zijn rekening neemt. Tegenprestatie van de niet-ondernemende partners is dat deze een bedrag ter grootte van de helft van het negatieve eigen vermogen aan de ondernemende partner betaalt. In een dergelijk geval heeft de rechter het gemakkelijk en volgt het verzoek van partijen. Wilt u meer weten over het verrekenen van activa en passiva van een eenmanszaak bij echtscheiding? Bel ons voor het maken van een afspraak. Bron: Opmaat 11/1/18 2018/0012 ECLI:NL:GHDHA:2017:3752.

Gepubliceerd: 21 Feb 2018
Copyright: Sdu © 2017

Echtelijke woning door schenkingen privé?

Samenwoners en getrouwde stellen, die samen een huis hebben, zijn vaak slordig in het bijhouden van de betalingen. Heeft zij bij de aankoop een bedrag aan eigen geld ingelegd of betaalt hij de verbouwing van de badkamer? Veel stellen bedekken dit met de mantel der liefde en leggen het niet vast. Bij verkoop van de woning, maar vooral bij het einde van de relatie, kan er discussie ontstaan over die ongelijke inbreng. Zo bleek onlangs bij een in gemeenschap van goederen gehuwd echtpaar dat in echtscheiding verwikkeld was. Volgens de man was door hem geld geleend van zijn ouders voor de aankoop van de echtelijke woning. Vervolgens was de lening jaren later verrekend met schenkingen van zijn ouders aan hem in privé. De man stelde zich op het standpunt dat de gehele woning daardoor aan hem toegedeeld zou moeten worden, nu hij meer dan 50% van de woning had gefinancierd. De rechter oordeelde dat de aankoop en de leningen en de ontvangen schenkingen van de ouders niet gelijktijdig hadden plaatsgevonden, waardoor de man ongelijk kreeg. De woning bleef tot de gemeenschap van goederen behoren en de man moest de waarde van de woning delen met zijn ex. Wilt u onduidelijkheid over de inbreng in de woning voorkomen? Wellicht bevatten uw huwelijkse voorwaarden of samenlevingscontract al een bepaling en anders is het mogelijk om uw afspraken alsnog goed vast te leggen. Neem gerust eens contact op voor een oriënterend gesprek. Bron: Notamail 19 februari 2018, nummer 41.

Gepubliceerd: 21 Feb 2018
Copyright: Sdu © 2017

Statuten bepalen of afdelingsbestuur zich moet houden aan besluit hoofdbestuur van vereniging

Het verenigingsland is een heel divers land. Het varieert van kleine zelfstandige verenigingen in steden, dorpen en buurten tot grote landelijke verenigingen met regionale en plaatselijke afdelingen. Dat leidt wel eens tot onenigheid over naleving van een besluit op hoger niveau door afdelingen op regionaal of lokaal niveau. Zo speelde een zaak waarin het hoofdbestuur van een landelijke vereniging besloot om de administratie voortaan via een aan de afdelingen opgelegd nieuw softwareprogramma te gaan doen. Dat was tegen het zere been van een van de afdelingsbesturen. Die weigerden, met als gevolg een juridisch gevecht met het hoofdbestuur die afgifte van de administratie eiste. Als de wet of statuten van een vereniging bevoegdheden aan het bestuur toekennen, zijn ook andere organen van die vereniging daaraan gebonden. Dat gaat zelfs zover dat het ook voor verenigingen met afdelingen zonder rechtsbevoegdheid bindt. In de betreffende zaak kon de afdeling hoog en laag springen, zij moesten zich neerleggen bij het landelijk genomen besluit. Deze casus laat zien dat het belangrijk is om tijdig en goed met elkaar te bezien welke bevoegdheden de hoofdvereniging heeft en welke bevoegdheden aan de afdelingen toekomen en dat ook vast te leggen in de statuten. Wilt u meer weten over de bevoegdheden van uw verenigingsbestuur of die van uw afdelingen? Bel ons voor het maken van een afspraak. Bron: Opmaat 4/1/18 2018/0008 ECLI:NL:RBAMS:2017:6823.

Gepubliceerd: 21 Feb 2018
Copyright: Sdu © 2017

Erfenis, let op de verborgen schuld

Een langstlevendentestament geeft meestal veel rust, en dan vooral na het overlijden van de eerste partner. De ander kan ongestoord doorleven, zonder dat de kinderen hun erfdeel kunnen claimen. Maar hoe is het met die rust gesteld na het overlijden van de langstlevende partner? Kinderen krijgen bij het eerste overlijden doorgaans nog geen erfdeel, maar een vordering op de ouder die nog leeft. Over die vordering wordt in veel gevallen een rente berekend. Die rente kan bij het tweede overlijden hoog opgelopen zijn. Als het overleden ouderpaar alleen gezamenlijke kinderen heeft is die rente juist een voordeel, de kinderen krijgen het bedrag aan opgelopen rente bij het tweede overlijden belastingvrij. Maar als er kinderen uit verschillende relaties zijn, lopen de kinderen van de laatst overleden ouder het risico dat de nalatenschap negatief uitvalt. Zij moeten dan eerst de vorderingen plus rente aan de kinderen van het eerste huwelijk uitbetalen. Om te voorkomen dat zij uit eigen zak moeten bijbetalen kunnen zij de nalatenschap beneficiair aanvaarden. Deze manier van aanvaarden zorgt ervoor dat zij niet zelf aansprakelijk worden. Nadeel van deze vorm is dat er wel wat procedures en regels aan kleven. Als die niet precies opgevolgd worden, bestaat het risico dat een schuldeiser een kind toch aansprakelijk stelt. Heeft u te maken met een dergelijke situatie? Kom dan voordat u gaat handelen eerst even bij ons langs. Wij lichten u dan precies voor over de te volgen procedure. Bron: Notamail 12 februari 2018, nummer 34.

Gepubliceerd: 14 Feb 2018
Copyright: Sdu © 2017

Let op vereisten voor ANBI-status

Als u overweegt een schenking te doen is het handig om eerst te controleren hoeveel schenkbelasting de ontvanger moet betalen. In Nederland gelden er diverse vrijstellingen, en als de vrijstelling opgesoupeerd is moet u rekening houden met tarieven tussen de tien en veertig procent. Een bijzondere categorie wordt gevormd door de ANBI-organisaties, in de volksmond ook wel goede doelen genoemd. Zij mogen schenkingen en erfenissen ontvangen zonder schenk- of erfbelasting te hoeven betalen, mits ze zich aan de eisen van de belastingdienst houden. Een belangrijk en jaarlijks terugkerend ritueel voor een ANBI-organisatie is het publiceren van de volgende gegevens op hun eigen website of op de website van de brancheorganisatie: de naam, contactgegevens en het fiscaal nummer (RSIN) van de ANBI-instelling; het beleidsplan en een beschrijving van de doelstelling van de ANBI; de functie en namen van de bestuurders, denk aan: voorzitter, penningmeester en secretaris en het beloningsbeleid voor het bestuur en eventueel personeel; een actueel verslag van de activiteiten; een financiële verantwoording. De belastingdienst controleert de ANBI-instellingen in toenemende mate en indien niet aan vereisten wordt voldaan bestaat het risico dat de ANBI-status – soms zelfs met terugwerkende kracht – wordt ingetrokken. Heeft hulp nodig bij het aanvragen van de ANBI-status of het jaarlijks publiceren van de gegevens? Vraag ons gerust om advies. Bron: Belastingdienst.nl en Fiscaal Dagblad 13 februari 2018.

Gepubliceerd: 14 Feb 2018
Copyright: Sdu © 2017

Twee woningbegrippen voor de OZB-heffing

Exploiteert u bedrijfsmatig recreatiewoningen, dan worden die als niet-woning aangemerkt voor de onroerende zaakbelasting (OZB). Opstallen die naar aard en inrichting geschikt zijn om in te wonen, worden voor de OZB wel als woning aangemerkt. Dit vastomlijnde onderscheid is het resultaat van een recente uitsprak van de Hoge Raad. Het concrete gevolg van de uitspraak is dat een vakantiepark met recreatiewoningen wel als woning kan worden aangemerkt, in tegenstelling tot een vakantiepark met bijvoorbeeld alleen een kampeerterrein. Daarmee ontstaan twee woningbegrippen voor de OZB-heffing. Gemeenten moeten nu de waardeverhoudingen op recreatieterreinen onderzoeken. Als het terrein voor het 70% of meer uit recreatiewoningen (qua waarde) bestaat, dan is er sprake van een woning. Is de waarde minder dan 70% van de totale waarde, dan wordt het niet als woning gekwalificeerd. Voor de gebruikersaanslag OZB-heffing moet de gemeente echter wel rekening houden met de woondelenvrijstelling. Wilt u meer weten over het verschil in woningbegrippen en de toepassing daarvan in uw situatie? Bel ons voor het maken van een afspraak. Bron: VNG 10/1/18 ECLI:NL:HR:2018:3.

Gepubliceerd: 14 Feb 2018
Copyright: Sdu © 2017

Verenigingsrecht gaat boven door VvE opgelegde winkelverplichtingen

Het is actueel de laatste tijd. Winkeleigenaren krijgen bij de koop van een winkelpand in een winkelcentrum door de vereniging van eigenaren allerlei verplichtingen opgelegd. Sommige leiden nogal eens tot geschillen, zoals (verandering van) openingstijden en verplicht lidmaatschap. Soms is opzegging van het lidmaatschap daarvan het gevolg, met verdergaande geschillen over gebondenheid aan verplichtingen als vervolg. Zo speelde onlangs een zaak voor de rechtbank Noord-Nederland. Voor een van de ondernemers was de door de vereniging opgelegde verruiming van openingstijden onverteerbaar en reden om het lidmaatschap op te zeggen. De ondernemer staakte per direct met de betaling van de verenigingsbijdragen. De vereniging wilde de ondernemer aan de verenigingsverplichtingen houden. De vereniging heeft een statutaire bepaling dat leden hun lidmaatschap niet met onmiddellijke ingang kunnen opzeggen. De rechter vindt een volledige uitsluiting van de uittredingsvrijheid niet geoorloofd en sluit met de in acht te nemen opzeggingstermijn aan bij de wettelijke regeling. Dat betekent dat opzegging van een dergelijke lidmaatschap mogelijk is tegen het einde van het boekjaar dat volgt op het jaar waarin het lidmaatschap wordt opgezegd. De vraag was vervolgens of de winkeleigenaar zou moeten blijven voldoen aan de overige verplichtingen “als was hij nog steeds lid”. De verplichting uit de leveringsakte dat een uittredend lid tot aan het einde van de opzeggingstermijn lid blijft en de daarbij horende verplichtingen moet nakomen, vond de rechter in strijd met de wet. Datzelfde geldt voor de verplichting om de door de vereniging voorgeschreven openingstijden aan te houden. Wilt u meer weten over de werking en reikwijdte van verplichtingen uit leveringsakten? Bel ons voor het maken van een afspraak. Bron: SDU Opmaat 4/1/18 2018/0004 ECLI:NL:RBNNE:2018:20.

Gepubliceerd: 07 Feb 2018
Copyright: Sdu © 2017

Eigen huis in 2018

Het stof van de jaarwisseling is opgetrokken. Met tal van wijzigingen in de regels voor onder meer belastingen, huwelijksvermogen en huizenbezit. Nu de rust is weergekeerd zetten wij nog eens de veranderingen voor uw als huizenbezitter op een rijtje. Het is niet alleen maar droefenis, er zitten ook pluspunten aan de aanpassingen. Een belangrijke wijzigingen voor mensen met een jaarinkomen van € 68.507 en meer is het verder omlaag brengen van de aftrek van hypotheekrente. Het maximale percentage waartegen u dit jaar hypotheekrente mag aftrekken is 49,5%, een half procent minder dan vorig jaar. Volgend jaar gaat er weer een half procent af. Vanaf 2020 zijn de plannen om dit met jaarlijks 3% verder af te bouwen. De financiering van restschuld is nog wel mogelijk, maar u kunt de rente die u daarover betaalt niet meer aftrekken voor de inkomstenbelasting. Daar tegenover gaat het eigenwoningforfait omlaag van 0,75% (voor huizen tot een waarde van net even meer dan een miljoen euro) naar 0,70%. Vervolgens wordt ook de maximale hoogte van de hypotheek stapsgewijs steeds verder verlaagd. Dit jaar is dat 100% van de woningwaarde, vorig jaar nog 101%. Dat zal de komende jaren steeds verder omlaag gaan. Voor nu betekent het dat u als koper zelf bijkomende kosten – overdrachtsbelasting, courtage, taxatie- en notariskosten – zelf moet opbrengen. Daartegenover staat dat het inkomen van uw partner zwaarder meetelt in 2018 voor 70%. In 2017 was dat nog 60%. Extra mogelijkheden Als u een energieneutraal huis, een huis met een Energie-index (EI) of een energieprestatiecoëfficiënt (EPC) van nul of lager koopt, mag u € 25.000 euro extra lenen. Als u investeert in energiebesparende maatregelen is er nog een ander voordeel, namelijk een verhoogde grens om voor een nationale hypotheekgarantie in aanmerking te komen. De grens ligt dan op € 280.900 (106% van de woningwaarde), twintigduizend euro meer dan in 2017 en ruim vijftienduizend euro meer dan de gebruikelijke NHG-grens van € 265.000 in 2018. Wie in 2018 en bedrag wil schenken aan familie of vrienden die dat geld gaan gebruiken voor het kopen of verbouwen van hun huis, kan dat tot € 100.800 belastingvrij doen. De begunstigde moet dan wel tussen 18 en 40 jaar oud zijn. Wilt u meer weten over de mogelijkheden en de fiscale gevolgen van het kopen of bezitten van een eigen huis? Bel ons voor het maken van een afspraak. Bron: TaxLive 2/1/18.

Gepubliceerd: 07 Feb 2018
Copyright: Sdu © 2017

Testament beschermt niet als weduwnaar weer gaat samenwonen

Veel gehuwde mensen maken een zogenaamd langstlevendentestament voor hun partner. Door het testament kunnen kinderen de erfenis niet opeisen. De weduwe of weduwnaar kan in het huis blijven wonen, en hoeft ook de spaargelden niet te delen. De kinderen moeten wachten of er na overlijden van de tweede ouder nog iets over is. Sinds 2003 staat een dergelijke regeling ook in de wet voor gehuwden met kinderen die nooit eerder een testament hebben gemaakt. De langstlevende ouder is dan, ook zonder testament, goed beschermd tegen aanspraken van de kinderen. Soms wordt er toch nog een testament gemaakt, bijvoorbeeld om een executeur of een voogd te benoemen. Voor iedereen die al een langstlevendentestament had voor 2003 blijft het ‘oude’ testament gelden. In die oude testamenten, maar ook in nieuwere testamenten staat vaak een opsomming van situaties waarin de kinderen wel hun erfdeel kunnen opeisen, bijvoorbeeld als de langstlevende failliet gaat, of gaat hertrouwen. Soms staat er ook in dat de kinderen hun erfdeel kunnen opeisen als de langstlevende gaat samenwonen. Maar wanneer woont de langstlevende samen met een nieuwe liefde? Is dat als ze een paar keer samen naar de film zijn geweest of pas als er twee tandenborstels in de badkamer staan? En hoe kunnen de kinderen dat controleren? Het vage criterium samenwonen kan leiden tot veel onrust in een gezin, dit in tegenstelling tot het aangaan van een huwelijk, dat is een duidelijk criterium. Onlangs speelde er ook weer een rechtszaak bij de rechtbank Gelderland, waarbij de zoon de uitleg van het samenwooncriterium in het testament van zijn overleden moeder aan de orde stelde, toen zijn vader een nieuwe partner kreeg. Bedenk voor u een testament maakt goed welke invloed van uw kinderen op het leven van uw achterblijvende partner gewenst is, en laat uw testament daarop aanpassen. Wij nemen de mogelijkheden graag met u door. Bron: Notamail 1 februari 2018, nummer 25.

Gepubliceerd: 07 Feb 2018
Copyright: Sdu © 2017